Hetwondervanwarfhuizen
SiteLock

© BewustZijnsWerk 2019

Het wonder van Warfhuizen

Pelgrims in de polser : Interview met pater Hugo Beuker

Tekst en fotografie Wim Huijser



Dwalend door het ’t Hogeland in het noorden van Groningen moet je vanzelf je verwachtingen bijstellen. Behalve de door Ede Staal bezongen ‘lucht achter Oethoezen, […] 't torentje van Spiek, […] de weg van Lains noar Klooster en de Westpolder langs de diek’ openbaart zich er weinig meer dan ‘de meulens en de moaren’. Het is jammer dat Staal het ‘wonder van Warfhuizen’ nooit heeft kunnen ervaren; hij overleed al in 1986. Bij zijn leven was het kerkje nog Nederlands Hervormd en stond er ’s zondags een dominee op de kansel. Maar de tijden brachten een ommekeer te weeg. Met de komst van pater Hugo onderging de protestantse dorpskerk een ware metamorfose en veranderde in een katholieke kluiskapel. Kort daarna geschiedde het wonder.

 

Klooster met één monnik

Wat is nu precies dat ‘wonder van Warfhuizen’, luidt de vraag die pater Hugo Beuker vaak gesteld krijgt. ‘Ja’, is zijn nuchtere antwoord in de documentaire die in 2017 van hem werd gemaakt, ‘het wonder is dat er geen wonder is, maar dat de halve wereld hier komt bidden.’

In 2001 nam Hugo Beuker als kluizenaar zijn intrek in het leegstaande hervormde kerkje van Warfhuizen dat sindsdien wordt aangeduid als de Kluizenarij van Onze Lieve Vrouwe van de Besloten Tuin. Hij woont zelf achter het grote hek dat dwars door de kerk loopt. Hugo’s uitleg over een kluis is heel simpel: een klooster met één monnik die in de stilte en afzondering op zoek is naar God. Contact met de buitenwereld probeert hij dan ook tot een minimum te beperken.

Zelf groeide Hugo op in een hervormd gezin in de bossen van het Drentse Odoorn, waar zijn vader directeur was van een uitvaartonderneming. Al heel jong voelde Hugo zich aangetrokken tot kerken. ‘Ik denk dat het protestantisme te simpel voor hem was’, concludeert moeder Beuker zoveel jaar later. De hervormde kerk bood de zintuiglijk ingestelde Hugo te weinig uiterlijkheden en ceremonie. Daarmee kwam de veertienjarige Hugo pas in aanraking toen hij als veertienjarige in Maastricht de kapel van Onze Lieve Vrouw Sterre der Zee bezocht. Hij kwam er naar eigen zeggen ‘knetterkatholiek’ vandaan. Goed uitleggen wat daar gebeurd was kon hij niet, maar het leek erop of daarbinnen alle tegenstelling waren weggevallen. Het was het begin van een spirituele zoektocht die hem via het seminarie, en na veel aarzeling en twijfel, uiteindelijk naar het Noord-Groningse Warfhuizen voerde. In 2012 legde hij de eeuwige geloften van armoede, zuiverheid en gehoorzaamheid af bij het bisdom Groningen-Leeuwarden en in 2015 werd hij tot priester gewijd.

 

Roeping

Op de wierde (terp) in Warfhuizen stond al sinds de dertiende eeuw het romano-gotische Ludgerikerkje. Alleen de toren dateert nog van de begindagen; het huidige schip werd in 1856 gebouwd. Inmiddels dreigde het aan de oprukkende secularisatie én de krimp van de bevolking van Warfhuizen ten onder te gaan. Al begin jaren zeventig vond de laatste hervormde dienst plaats. Verval lag op de loer en even dreigde de kerk een poffertjeskraam te worden. Voor pater Hugo was het de ideale plek om in stilte bidden, daarom besloot hij het kerkgebouw te kopen. ‘Als je zo’n roeping hebt, is die meestal drammerig genoeg om je daar te krijgen waar Onze Lieve Heer je wilt hebben’, is zijn overtuiging. ‘Ik begon met het idee dat ik het waarschijnlijk niet zou volhouden, maar het moest toch gebeurd zijn.’

De kerk in Warfhuizen was echter van binnen zo kapot dat er van alles aan moest gebeuren. Terwijl de kluis in de kerk werd gebouwd, bleef het grootste stuk nog gewoon kerk. Zes jaar lang sleepte Hugo van alles heen en weer tot er eindelijk, zoals hij zelf zegt, een vorm van evenwicht ontstond.

 

Kelderluik van je ziel

Nederland heeft een grote traditie gehad met kluizenaars. Vooral Limburg stond er ooit vol mee. De monniken die er verbleven waren volgens pater Hugo een meubelstuk van het kapelletje waar ze op pasten en dat was ook precies wat hem voor ogen stond: zorgen voor een heilige plek en louter door zijn aanwezigheid een beetje steun geven aan de mensen die daar komen. Het is echter zijn overtuiging dat hij het aan de genade Gods te danken heeft dat er met hem geen ongelukken gebeurd zijn. ‘Want je moet het natuurlijk niet doen; het is link.’ Hugo’s verstand zei dat er niet voor niets al 70 jaar geen kluizenaar meer in Nederland huisde. ‘Je knalt in een noodvaart tegen jezelf op, want daar zit je nu eenmaal mee opgesloten. Het kelderluik van je ziel gaat open.’

Toch ziet hij het kluizenaarschap als een ontdekkingsreis, maar dan naar binnen gericht in plaats van naar buiten. Het is de reden waarom hij geen pastoor is geworden. Liever is hij met de essentie van zijn geloof bezig. Inmiddels al een jaar of achttien.

 

Huilende Maria

Vanaf de vroege metten tot de completen in de avond houdt pater Hugo acht maal zijn getijdengebed. Hij volgt strikt de katholieke rituelen, maar geeft daar zijn eigen interpretatie aan. Vanaf de oude kansel leest hij uit het evangelie.

Het is al verontrustend heet als ik in de zomer van 2018 ’s morgens iets na tien uur de koele kluiskapel betreed. Zo geruisloos mogelijk open ik de binnendeur. Toch ontkom ik niet aan het piepen van de scharnieren. Binnen zitten vier dorpelingen geknield in de bank die met pater Hugo de eucharistie vieren. De enige man onder hen kijkt even over zijn schouder. Ik voel me wat ongemakkelijk bij zoveel toewijding en devotie en blijft achterin staan. Onvermijdelijk wordt mijn oog getrokken naar de huilende Maria aan de linkerzijde van de kapel. Bij de transformatie naar een katholieke kapel hoorde vanzelfsprekend ook een Mariabeeld. Pater Hugo haalde het uit het Spaanse Sevilla, waar het werd gemaakt door de Spaanse heiligenbeeldenspecialist Miguel Moreno wiens creaties in groten getale worden rondgedragen in Andalusische processies. In het kerkje van Warfhuizen groeide de schreiende Madonna uit tot een wonder. Maar hoe is het mogelijk dat een kapel een bedevaartplaats wordt zonder dat zich een wonder of een verschijning heeft aangediend? Kan het zijn dat broeder Hugo zélf de aanleiding is dat gelovigen massaal naar Groningen komen? Hij is immers de enige Nederlandse kluizenaar buiten een kloosterorde, die bovendien de gelofte heeft afgelegd zijn leven voornamelijk in zijn kluis door te zullen brengen.

 

Pelgrims

De Bedroefde Moeder van Warfhuizen is de meest gebruikte benaming voor het genadebeeld Onze Lieve Vrouwe van de Besloten Tuin. In de volksmond wordt ze ook wel afgekort tot Moeder van Smarten of Maria van Warfhuizen. Nadat pater Hugo het beeld in 2003 in de kapel had opgesteld, werd het er al gauw drukker en drukker. Veel mensen bleken speciaal voor Maria naar Warfhuizen te zijn gekomen, met name pelgrims die zich zorgen maakten over hun kinderen: jonge mensen die getroffen waren door ziekte of ongelukken, of die waren ontspoord zijn. Het betrof in het begin vooral in Nederland wonende Spanjaarden en Latijns-Amerikanen. Later volgden ook katholieken uit ’t Hogeland. Ook bij hen bleek de kapel in een behoefte te voldoen. Toen ook groepen pelgrims uit België, Duitsland en Zwitserland zich lieten zien, manifesteerde zich het ‘wonder van Warfhuizen’.


Over de busladingen bedevaartgangers is pater Hugo uitermate nuchter: ‘In het begin was ik er niet blij mee, maar ik kan Maria moeilijk verbieden bezoek te ontvangen. De Maria-cultuur is mij hier achterna gekomen, om niet te zeggen dat hij in mijn gezicht is ontploft. Ik heb er werkelijk niets aan gedaan om het aan te moedigen. Bussen met bedevaartgangers is voor een kluizenaar natuurlijk de ultieme nachtmerrie. Toch ben ik er achteraf dankbaar voor. Het past ergens ook bij mij.’


Pater Hugo heeft het geloof dat de Heer op duizend manieren voor hem zorgt. Voor zichzelf heeft hij weinig nodig en hij eet sober. Een bijzonder gebruik dat de hermiet heeft ingesteld betreft het ‘ruilen van de zakdoek’, waarmee de Maria van Warfhuizen haar tranen afdroogt. Gelovigen kunnen die zakdoek bemachtigen in ruil voor een meegebrachte nieuwe zakdoek. Ze kunnen er ook een ter plaatse kopen. Vervolgens wordt Maria's zakdoek meestal geschonken aan zieken of mensen die voor een moeilijke opdracht staan. Zo gaan er vooral in de examentijd veel zakdoeken door Maria’s handen.

 

Grensbewaking

In het openbare deel van de kerk van Warfhuizen zijn bezoekers altijd welkom, mits zij stilte betrachten. ‘Soms doen mensen hier de deur open en breken dan in duizend stukken en barsten in tranen uit’, zo heeft pater Hugo in de loop der jaren ervaren. ‘Ik laat dat eerst gewoon zo. Soms ben ik net het kaarsvloer van de vloer aan het krabben. Het is vaak niet eens nodig dat er wat gezegd wordt. Dit is gewoon een mooie stille plek.’ Hugo is zuinig met woorden. Dorpsgenoten krijgen hem buiten de kluis weinig te zien. Maar tijdens het bedevaartseizoen dreigt dat wel eens te veranderen als tussen 1 mei en 15 september de deur elke dag van half zes tot ’s avond acht uur open staat. Naast katholieke gelovigen en pelgrims voor de Bedroefde Moeder vormen de bezoekers dan  een melange van protestanten en heidenen voor wie pater Hugo graag chocolademelk maakt. Maar ’s nachts zingt hij alleen, de nachtmis. Hoe kun je de rust en devotie in het processieseizoen bewaren, is de vraag die kluizenaars onderling geregeld stellen.  ‘Grensbewaking’, noemen ze dat.


Hoewel Hugo van bergen hout is Noord-Groningen zijn bestemming geworden. ‘De goeie God zet je neer waar je nodig bent,’ is zijn overtuiging, en hij zit er ook niet om zijn eigen comfort te zoeken. Warfhuizen heeft zich gastvrij getoond en hoewel de inwoners hem zelden zien, raakten ze snel aan zijn aanwezigheid gewend. Dat door die pelgrims het dorp op de kaart is gezet, blijft een wonderlijke bijkomstigheid.

 

____________________________________

Naar het interviewoverzicht