BZO20Ialib

BewustZijn Online

Ali B

Ali Bouali (Zaandam, 1981), zoals Ali B officieel heet, groeit aanvankelijk op in Amsterdam. Hij hangt het liefst op straat, kletsend en grappen makend. Door de groep Osdorp Posse komt hij in contact met hiphop en hij ontwikkelt zijn eigen rapstijl. Op zijn veertiende verhuist Ali naar Almere, daar treedt hij voor het eerst op. Het is het begin van een daverende carrière. Naast rappen is er een succesvol theaterprogramma, hij toert met Marco Borsato en scoort prijs na prijs. Ali zet zich in voor allerlei goede doelen, wint de harten van tallozen en blaakt van optimisme. Snel, druk, opgewekt, geestig, zo kennen de meeste mensen hem. Maar hij heeft nog een heel ander talent dat aardig doorschemerde in zijn succesvolle tv-programma Ali B op volle toeren. Ali B verdiept zich al jaren in bewustzijnsthema’s.

Ali B kiest voor de opposite

door Simone Thomasse (2011)

 

‘Al het werk dat ik lees, alles waarin ik me verdiep, is slechts een bevestiging dat mijn gevoel klopt, dat ik me goed voel bij bepaalde ideeën. Als ik Stephen Covey, Deepak Chopra of Eckhart Tolle lees, dan lees ik iets waar ik al naar op zoek was. Op het moment dat ik aan het bidden ben en mijn hoofd maar niet kan leegmaken, als ik aan mooie dingen wil denken en er komen alleen maar rotte dingen, denk ik: nou God, waarom denk ik allemaal dingen die ik niet wil denken? Geef me nou eens andere top. Dat kun je gewoon na het gebed als een smeekbede doen. En dan lees ik toevallig dat er een boek is dat daarover gaat. Ik ga naar de boekhandel en daar is een boek van Eckhart Tolle. Dan weet ik: dit klopt, dit herken ik, dit is het precies. Zo kom ik los van mijn denken en begin ik te weten dat ik mijn denken niet bén, dat ik het gewoon kan laten gaan. Er niet tegen hoef te vechten, sterker nog, op het moment dat ik los sta van mijn gedachtes kan ik alweer naar een volgende stap. Ga ik gedachtes inkleuren zodat ze voor me gaan werken, dromen heet zoiets eigenlijk, maar dan doelbewust dromen, ja dan wordt het allemaal heel leuk. Maar ik heb dit soort dingen onbewust ook al gedaan voordat ik me hierin ging verdiepen. Alleen kwam het altijd maar half uit, omdat ik niet wist hoe het werkte.’

 

Hoe lang ben jij bezig met spiritualiteit?

‘Ik ben begonnen met boeken over zelfontplooiing in 2002. Mijn eerste boek was ‘Gebruik je hersens’ van Jan-Willem van den Brandthof en ‘Creativiteit Hoe? Zo!’ van Igor Byttebier. En die laatste heb ik ook ontmoet. Ik zei in een interview dat ik zijn boek goed vond en toen stuurde hij mij een mailtje: ‘Leuk dat jij mijn boek leest.’ Iedereen die mij inspireert is een klein beetje een idool voor mij. Ik bewonder hem, hij neemt contact met mij op, en toen kreeg ik de smaak te pakken om te blijven ontplooien, te blijven ontwikkelen. ‘Gebruik je hersens’ was ook heel mooi. Dat gaat over neurologie, dus ik begon op een wetenschappelijke manier met spiritualiteit. Snap je, ik begon met kijken hoe de hersens werken. En later, toen ik alweer verder was en het op spiritueel niveau ging bekijken, zag ik interessante overeenkomsten tussen mentaal en fysiek, tussen wetenschap en spiritualiteit, bijvoorbeeld over hoe je denkpatronen aanmaakt. Ik was erg geïnteresseerd in het denken, simpelweg omdat ik een beetje controle fijn vind. Om mijn eigen leven aan te kunnen sturen. En als er iets is wat je niet geleerd hebt om aan te sturen, zijn het je gedachtes. Daar begon mijn interesse. Sindsdien heb ik een heleboel boeken versleten van allemaal inspirerende, mooie mensen. Ik las twee boeken van Eckhart Tolle, bekeek zijn dvd’s en paste ook toe wat hij zegt. Dat proces dat hij zelf ging vind ik interessant. In ‘De Kracht van het Nu’ begint hij met de wereld in ieder geval te accepteren zoals die is, hij inspireert je om buiten je hoofd te gaan leven. We leven meestal ín ons hoofd, maar als jij dat afsluit en je kijkt om je heen, zie je zoveel dingen die je nooit ziet! Als ik de straat, waar ik al jaren woon, uitga en ik kijk serieus een beetje om me heen, kan ik vijftig, zestig dingen vinden waarvan ik niet wist dat ze er waren. Ik heb één paarse bloem in mijn straat, daar kom ik achter na vijf jaar! Het is een opvallend ding, hij staat vier meter van mijn deur vandaan en ik heb hem niet gezien omdat ik in mijn hoofd leef. Dat zijn bizarre dingen. Verder weet je dat wat gebeurde in het verleden en zal gebeuren in de toekomst een illusie is en dat de enige echte waarheid het nu is. Dat is goed voor de acceptatie. Het tweede boek heet ‘Een nieuwe aarde’ en daarin vervalt hij eigenlijk in herhaling, maar het mooie is dat hij naar het volgende niveau gaat: vanuit het nu dromen over iets nieuws - een nieuwe aarde - en daardoor ook een nieuwe aarde realiseren. Zo’n selffullfilling prophecy ding.’

 

Hoe kijk jij naar een nieuwe aarde?

‘Het is heel simpel. We hebben allemaal een nieuwe aarde, onze eigen werkelijkheid. Wat dat betreft zijn er zes miljard werelden of aardes, want we kijken er allemaal anders naar. Ik heb dus al een nieuwe aarde in mij. Zoals ik nu tegen de wereld aankijk is anders dan voorheen, ik word steeds rijker en positiever. Als ik daarnaar handel kunnen de mensen die ik inspireer die wereld ook gaan zien en ernaar handelen. En als die er weer naar handelen, gaan andere mensen het ook zien. Tot je hem op een gegeven moment gaat realiseren. Alles wat je ziet kun je realiseren. Alles wat we zien en hoe we tegen de wereld aankijken is onze blue print voor hoe we hem gaan creëren, het is onze tekening. Net zoals een architect een tekening maakt voordat ie echt gaat bouwen, is hoe je kijkt naar de wereld datgene wat je ziet, wat je perspectief is, je tekening. En ik heb een positievere tekening dan voorheen!’

 

En die tekst van ‘32 jaar later’ is daar een uitdrukking van?

‘Het is belangrijk om in het moment te zijn, positief in het leven te staan en daardoor positieve dingen te realiseren. Waar ik nu sta is: je kunt altijd maar één ding denken. Of iets negatiefs óf iets positiefs. Het aller-allermooiste waar je naartoe kunt gaan is dat negatief positief wordt. Achter alle rotte momenten van je leven, achter al je trauma’s, zit een verborgen schat. Gewoon omdat goed bestaat bij de gratie van slecht, licht bij de gratie van donker. Iets heel moois als je het in zijn geheel bekijkt. En dat is wat ik in dat liedje beschrijf. In de huidige vorm; niet ik was, maar ik bén, waardoor je mee kunt groeien in het proces. Hoe gaat zo’n proces? Je bent daar, in de schaduwkant van je leven. Je bent ervoor op de vlucht, voor je trauma’s, voor je rotte herinneringen, voor de dingen waar je je voor schaamt, maar ja, weet je, elke keer val je terug. Je voelt dat je op de vlucht bent. Succes willen bereiken omdat je succes wilt bereiken is anders dan succes willen bereiken omdat je op de vlucht bent. Praktisch lijkt het hetzelfde, maar qua intentie is het heel anders. Het een is uit angst en het andere is uit visie, streven, ambitie. Ik beschrijf zoals het bij mij is gegaan. Ik ging succes boeken om mijn tekortkomingen en vervelende gebeurtenissen te compenseren en dan viel ik terug en zat ik in een zwart gat. Weet je hoe rot het is om daar te zijn? Op een gegeven moment ben je er zo vaak ingegaan dat je denkt: waarom is het eigenlijk zo vervelend? En dan denk je: ik kijk niet eens. Ik stop het weg, ik krop het op, ik ontken het. Dat zeg ik in het liedje: ‘Mijn ogen zijn dicht, misschien moet ik ze openen.’ Dan kom ik ineens tot het inzicht: ‘Hé, misschien moet ik die schaduwkant niet verloochenen.’ En begin ik in te zien dat er zonder kwaad ook geen goed is. Ik kan het nut ervan inzien en zelfs dat het systematisch een superstrak systeem is. Want hoe duidelijker je weet waar je niet wilt zijn, hoe kraakhelder het wordt waar je wél wilt zijn… Namelijk in

het tegenovergestelde van waar je níet wilt zijn. Dat is een proces waar ik een tijdje over heb gedaan, samengevat in vierentwintig regels.’

 

Je rapt: ‘Ik investeer in mijn engelen.’ Ben jij belijdend moslim?

‘Ja. Ik bid vijf keer per dag. Maar weet je, engelen en duivels zijn symbolen voor verhalen. Het verhaal achter de duivel is niet anders dan het verhaal van een atheïst achter iets slechts. Sterker nog, zelfs spirituele leren hebben hetzelfde verhaal. Als je kijkt naar de gedachte achter de duivel, als je de betekenis van het woord zoekt, kom je erachter dat het tegenstrever betekent. Iemand die het spirituele, maakt niet uit welke richting, aanhangt, zegt: ‘Je moet accepteren’, en dat is het tegengestelde van tegenstreven. Dus in die zin hebben we het allemaal over hetzelfde. Als de duivel niet zijn verhaal had, was er niks aan de hand. Het is het verhaal dat hem apart maakt. Als je hem wegdenkt en je houdt alleen zijn verhaal over, kunnen alle mensen ineens meepraten. Want dat verhaal gaat over jaloezie, over stress. Stress betekent ook

verzet, je verzet je tegen iets wat je niet wilt, dat is een reactie van je lichaam. Ook een gelijkenis met de duivel. Eckhart Tolle noemt het ego, al die titels kunnen me gestolen worden, het gaat mij om het verhaal erachter. Dus ik ben praktiserend en ik vind het juist hartstikke fijn om de overeenkomsten te zien tussen alle religies, spirituele en wetenschappelijke leren.’

 

Hoe investeer je dan in je engelen?

‘Bijvoorbeeld door me dienstbaar op te stellen. Alle deugden zijn van de engelen om het zo te zeggen. Kan mij wat schelen; als ik de straat schoonveeg voor mijn buurman, investeer ik al in mijn engelen. Het mooie is, zolang jij investeert in je engelen heb je geen tijd om te vechten tegen je duivel of je te verzetten of er überhaupt mee bezig te zijn. Als je je bezighoudt met wat goed is, houd je geen tijd meer over om te twijfelen om wel of niet slecht te doen. Dus als ik het heb over engelen en duivels, tja, of ze echt bestaan vind ik niet zo interessant. Ik kan me vinden in het verhaal. Wat goed is? Mensen iets gunnen, mensen helpen, liefdevol zijn, alle deugden die je maar kunt bedenken. Als je je in plaats van dat je vecht tegen haat inzet voor liefde, kom je een stuk verder. Vandaag is Wilders vrijgesproken. Je kunt wel tegen Wilders zijn, maar Wilders staat voor een verhaal. Welk verhaal? Van tweedeling. Dus als je zo tegen tweedeling bent, dan ben je vóór saamhorigheid. Stop je tijd en energie in saamhorigheid, dat is mijn manier om met iemand als Wilders om te gaan. Ik ben tegen tweedeling, maar het onderbewustzijn kent het ‘tegen’ en het ‘niet’ niet. Als ik tegen jou zeg: ‘Denk niet aan een roze olifant’, heb jij hem al gezien. Tegen Wilders is vóór Wilders, want je energie gaat die kant op. Het is net alsof je vecht tegen de duisternis. Dat ga je verliezen. De manier om met duisternis om te gaan is om naar het knopje op de muur te lopen en het licht aan te doen. Door te schijnen. Dat is wat ik in die tekst probeer te beschrijven. Op een gegeven moment nodig ik de duivel uit. Ik zeg dat het een geweldige adviseur is, zolang je maar het tegenovergestelde kiest van wat hij adviseert. Dan kom je vanzelf altijd bij iets geweldigs uit. Dus je hoeft ook niet bang voor hem te zijn, want hij is een goeie gast wat dat betreft.’

 

Je bent waanzinnig open hè?

‘Ja, ik ben behoorlijk open. Totdat het mensen raakt in mijn omgeving. Ik vertel ook niet alles, omdat het dan niet meer mijn verhaal is, maar ook andermans

verhaal wordt.’

Doorzie jij mensen altijd?

‘Weet ik niet. Dat krijg ik wel vaak te horen, maar ik zal het nooit over mezelf zeggen. Ik geloof alleen dat je dat soort dingen kunt zien als je ervoor openstaat en als ik zou zeggen dat ik mensen doorzie, word ik een betweter. En het zijn net die betweters die niks zien omdat ze niet openstaan. Dus ik moet altijd proberen te twijfelen over wat ik zie. Twijfelen kan op een negatieve en op een positieve manier. Je kunt je er de mindere door gaan voelen omdat je iemand wilt zíjn, dan is het vervelend. Maar het mooie van twijfelen is dat je zo pas echt gaat proeven van de rijkdom van het leven, omdat je dingen gaat zíén, al is het maar een paarse bloem die voor je deur staat. Als je twijfelt aan jouw beeld van de wereld, maar dat ziet als een manier om elke dag verrast te worden, is twijfel geweldig. In die zin twijfel ik graag.’

 

Jongeren kijken tegen je op. Maar je komt met een andere boodschap dan fuck you en bitch zoals veel rappers.

‘Heb ik ook gedaan! In die zin maakt die boodschap voor de scene eigenlijk helemaal niet uit, ook niet of het wel of niet via muziek gebeurt. Inspiratie is een waarde voor mij. Ik heb een keertje mijn dood gevisualiseerd en teruggekeken op mijn leven en ik dacht: hoe kan ik daar nou lekker

liggen? Natuurlijk wil je eigenlijk nooit dood. Steve Jobs (medeoprichter van Apple, red.) zei: ‘Mensen willen niet dood, zelfs niet om naar het paradijs te gaan. Maar je moet er toch over nadenken hoe je daar straks nou zo comfortabel mogelijk kan liggen.’ Ik zou wel heel blij zijn als mensen zich mij zouden herinneren als inspirator. Of dat nou door middel van een rap is, een interview, een gesprek of een voetbalwedstrijd, dat zal me allemaal worst wezen. Maar dat probeer ik wel los te maken, onder andere met muziek, al heb ik daar andere doelen bij. Je moet je voorstellen: ik ben niets, ik ben niemand. In die zin ben ik een potentieel. Ik kan van mezelf maken wat ik zou willen maken.’

 

Hoe zit het met toeval?

‘Toeval bestaat niet, tenminste niet voor het universum. Toeval is een rekensom die uitkomt. Wij hebben verwachtingen en daarom denken wij dingen als ‘toeval’ en ‘onverwacht’, maar het universum of God of hoe je het wilt noemen ziet alles natuurlijk allang aankomen. Er is aldoor een totaalplaatje in beeld. Alles is er tot nu, en alles wat nu gebeurt heeft gevolgen voor straks. In het nu kun je altijd bewust zaaien, oorzaak-gevolg, karma is het zaai-oogst verhaal. We zaaien en daardoor hebben we straks met een oogst te maken. Maar je kunt niet radijsjes zaaien en aardappels oogsten. Dan moet je toch echt aardappels poten. Ik geloof in dingen als karma, dat de dingen geschreven zijn, bepaald zijn, alleen hebben we de vrijheid, de mogelijkheid ons op dit moment in te zetten voor een rectificatie voor wat er straks te gebeuren staat. Als ik nu radijsjes zaai, kan ik ze er in het nu uit halen om er alsnog aardappels in te zetten. Dat kan. Maar als ik het niet doe krijg ik radijs, om het simpel te zeggen.

Ik geloof ook in synchroniciteit. Dat wil zeggen dat wat hier nu gebeurt ook aan de andere kant van de wereld aan de hand is, omdat tijd relatief is en alleen in ons hoofd bestaat. Maar feitelijk is er niets anders dan nu, de rest is een illusie om het leven praktisch te maken. Dus als ik hier nu iets goed doe, gebeurt het aan de andere kant van de wereld tegelijkertijd.’

 

Dus die meditatiegroepen…

‘Mensen zitten op hun tapijtje - of niet - maar wat is het verhaal erachter? Om in het nu te blijven? Of om vrede te ervaren? Op het moment dat zij dat daar doen heeft dat invloed op de hele wereld. Net zoals iemand anders die het tegenovergestelde doet invloed heeft op de wereld. De wereld is één, alles gebeurt overal nú.’

 

Je maakt een heel ontspannen indruk.

‘Zeker wel, maar ik ervaar ook een heleboel spanning. Ik ben ambitieus en mijn ambitie gaat gepaard met enthousiasme. Ik ben heel enthousiast, dus jij ziet mij als ontspannen, maar mensen die mij kennen en dit lezen denken: ja maar mevrouw, dan heeft ie een wietje gerookt! Hij is altijd druk! Ik ben het allebei. Creativiteit ontstaat als je twee tegenpolen bij elkaar doet, dan ontstaat er altijd iets nieuws.’

 

Praat jij vaak over dit soort dingen?

‘Zo diepgaand niet met veel mensen. Hebben ze geen trek in. Totdat ze in een rot-situatie zitten, dan zijn ze meer open om in gesprek te gaan. Maar dat weerhoudt me er niet van, want ik heb me nooit wat aangetrokken van wat anderen vinden. Als ik me er goed bij voel, is het reden genoeg om ermee bezig te zijn, daarvoor heb ik niemands goedkeuring nodig. Dat is een goede egoïstische eigenschap. Terwijl ie ook weer niet egoïstisch is, want doordat ik dat doe kan ik weer iets voor anderen betekenen. Ik hou van de nuances van het leven, van de dynamiek, de complexiteit, de onzekerheid. Dat maakt het gewoon een groot avontuur.’

 

Word jij geïnspireerd door bepaalde mensen?

‘Nogmaals, het draait niet om die mensen. Want als je ze weghaalt en er andere mensen voor neerzet maar het verhaal laat staan, weet je dat het verhaal is wat inspireert. Mensen staan symbool voor een verhaal. Ik was laatst met een Jehovagetuige aan het praten en toen we de feitelijke verschillen tussen ons eruit hadden gehaald en naar het verhaal achter de ideeën keken, kwamen we erachter dat ik gewoon potentieel Jehova ben en hij potentieel moslim. Mensen beoordelen religies, spirituele leren of atheïstische dingen op menselijke gedragingen en op cultuur. Ze vergeten daardoor te kijken naar het verhaal achter een religie of een idee. Een goed verhaal is een goed verhaal, dat is het morgen en overmorgen ook. Maar een mens is vandaag zo

en morgen zo.’

 

Maar wie jij bent, drukt zich uit in wat jij doet.

‘Nee. Wie jij bent in essentie is niks. Soms wordt het negatief gevonden als ik zeg: je bent niks. Mijn vaderschap bijvoorbeeld is een rol die ik speel. Er zijn mensen die dat niet snappen. Het is juist heel pósitief, want het betekent namelijk dat je vanuit dat ene niets uit je vaderrol kunt stappen om er eens goed naar te kijken of ie klopt bij jou, ze noemen dat dharma. Jouw unieke doel hier in het leven. Dat bepaal jij gevoelsmatig. Het is toch mooi dat je uit je vaderrol kunt stappen om te beoordelen of ie wel is zoals jij zou willen dat ie is. Ik snap wel dat jij dit niet zo bedoelt: je bent wat je doet, maar als ik het zo zeg begrijp je wel waar het naar toe kan gaan… Al is het wel zo dat wat je doet is hoe je jezelf programmeert. Dat is een optelsom van hoe je denkt en hoe je handelt, dat heeft resultaat en dat resultaat heeft weer invloed op hoe je handelt. Daar kun je helemaal uitstappen om naar die cyclus te kijken en je af te vragen: hé, is dat wel zoals ik wil zijn? Zo creëer je karaktereigenschappen. En omdat je dat heel lange tijd onbewust hebt gedaan, zit je nu met eigenschappen…’

 

… waar je niet van afkomt.

‘Je kunt er altijd van afkomen, maar waar je in ieder geval niet tevreden mee bent. Dezelfde investering moet je dan opnieuw doen, namelijk een andere manier van handelen, een andere manier van kijken, een ander resultaat. Als het maar vaak genoeg gebeurt, heb je een andere karaktereigenschap. Alleen doe je dat niet in een dag, want dat andere was er ook niet zomaar. Als je er jaren over hebt gedaan om een karaktereigenschap te ontwikkelen waar je niet tevreden over bent, heb je wel effetjes nodig.’

 

Wil jij dingen veranderen in jezelf?

‘Een van de dingen is dat ik meer wil ontspannen. Alles heeft een keerzijde weet je, er is een hele dunne scheidslijn tussen enthousiasme en ongeduld. En zolang je maar in de gaten houdt dat alles een randje heeft… Ik weet dat ik enthousiast ben en ambitieus. Dat ik het risico loop een ongeduldig mens te zijn. Ongeduldige mensen kunnen agressief zijn. Het is niet zo dat ik heel agressief ben, maar als je echt in mijn weg staat, kan ik de neiging krijgen je daar weg te halen om door te kunnen lopen. En als je streeft naar onafhankelijkheid, laat je de kans op wederzijdse afhankelijkheid liggen als je doorslaat in onafhankelijkheid. Voor wederzijdse afhankelijkheid moet je eerst onafhankelijk zijn. Dat is mooi. Die stappen moet ik nog maken. Mensen kunnen het gevoel hebben dat ik ze kan inspireren. Maar het is ook een feit dat als ik me er nog meer voor inzet, mijn empathisch vermogen vergroot en beter kan luisteren, ik hun verhaal begrijp, hun taal, hun beeld van de wereld. Dan kan ik iemand met een negatief zelfbeeld een positief zelfbeeld geven. Door te luisteren naar wat iemand niet wil, kan ik erachter komen wat iemand wél wil. Als iemand me maar vaak genoeg vertelt wat ie niet wil, hoef ik dat alleen maar te noteren. Het tegenovergestelde, dat is wat ie wel wil. Als ik er lang genoeg met iemand over praat en droom, gaat ie ineens zien wat ie wel wil in plaats van dat ie bezig is met wat ie niet wil. Ik geef diegene perspectief met zijn eigen woorden. En als iemand perspectief heeft, kan ie niet meer in de slachtofferrol, want hij ziet dat het anders kan. Dat is inspireren. Je weet dat je dat op grotere schaal kunt doen als je jezelf verbetert. Ik heb nog een lange weg te gaan.’

 

Je hebt nog wel een tijdje.

‘Nou, ik weet niet wat die rekensom van het universum is. Dat ik kan inspireren is dus heel belangrijk voor mij. Net als humor. Dat is een geweldige manier om niet zo serieus te nemen wat te serieus genomen wordt. Ook familie is belangrijk, en ontwikkeling, groei. Maar wel met het geduld van het universum. Ik heb nog nooit moeder natuur horen klagen dat het allemaal wat langzaam gaat. Die zegt gewoon: Als jij dit hier en nu regelt, kost het zoveel tijd voordat het daar is. Het is gewoon zo. Wij mensen kunnen ongeduldig worden. Ambitieus, groei, dat zijn dingen die elkaar raken. Tevreden, ontevreden zijn. Dat zeg ik ook in die tekst. Acceptatie betekent niet dat je niks doet, maar dat je doet vanuit een bepaalde vredige intentie.’

 

Jij raakt ook oudere mensen, die niets van rap moesten hebben. Ineens zijn ze geïnteresseerd.

‘Dat is pragmatisch heel bijzonder, maar in mijn diepste zijn vind ik het hartstikke normaal. Omdat het enige vergankelijke het lichaam is. Het is niet van jou, je gebruikt het. Maar de ziel is altijd in het nu, dus in principe kent de ziel geen leeftijd omdat op dat niveau geen tijd is. Dus je kunt zielsverwanten zijn terwijl je qua leeftijd verschilt. Wat betreft je vraag: voor mijn echte ik is het gewoon logisch en voor mijn menselijke ik is het totaal grappig om het te zien gebeuren. Het is een reactie die voor mijn gevoel niet meer is dan een bevestiging dat wat ik wilde geven aangekomen is. Ik ben zo druk met geven dat ik niet te lang stil sta bij de reactie. Wat voorheen trouwens anders was. Ik deed het toen ook om iets te geven, maar de reactie, dat kon een applaus zijn of wat dan ook, werd opeens de nieuwe doelstelling. Het ging niet meer om iets te geven. Daar voelde ik me uiteindelijk niet gelukkig bij en ik vroeg me af waarom. Na heel lang op mezelf studeren kwam ik erachter dat ik afhankelijk was van een reactie en iemand die afhankelijk is kan niet inspireren. Mensen die sterk zijn inspireren, terwijl je een zwak iemand wordt als je jezelf afhankelijk maakt van reacties. En een zwak iemand kan onmogelijk inspireren. Dus ik sta minder stil bij die complimenten. Ik zie ze als een aangetekende brief die je stuurt en het applaus is die handtekening die iemand zet als hij is aangekomen. Niet meer dan dat.’

 

Laatste vraag. Wat is het allerbelangrijkste dat jij je kinderen wilt meegeven?

 

Of vind je dat een stomme vraag?

‘Ik vind het geen stomme vraag, ik vind het alleen moeilijk… Ik vind meerdere dingen belangrijk. Niet om jou de les te lezen, helemaal niet, maar ik stel dat soort vragen niet meer op die manier. Want het gaat over schaarste, alsof het ene belangrijker is dan het andere, terwijl iets bestaat doordat het andere er is. Alles wat ik hier vandaag verteld heb vind ik belangrijk. Dat mijn kinderen zich ervan bewust worden dat ze de vrijheid hebben om te kiezen en daar gebruik van gaan maken. Dat ze vrij zijn om op hun manier te reageren op wat er gebeurt in de wereld. Dat ze begrijpen dat ze de vrijheid hebben hun stoutste dromen te realiseren.’ <<

 

2011 Simone Thomasse

Fotografie: Soufian Mahio

____________________________________

Naar het interviewoverzicht