eenstoicijnvanniks
SiteLock

© BewustZijnsWerk 2019

Joris van Ooijen

Denkstof is een samenwerkingsverband dat een goed gesprek als bron van inspiratie ziet. Hiertoe wordt de Socratische methode gehanteerd, die nieuwe denkpaden opent en onverwachte mogelijkheden laat zien.


Joris van Ooijen is verbonden aan Denkstof en bedenker van wat hij de Creatieve Dialoog noemt. Verder is hij bekend als ontwikkelaar van bekende televisieformats. Zijn blogs vind ik geestig, relativerend en betekenisvol. Geen poeha. Voortaan vind je er eentje in BewustZijn Online.

November 2019

____________________________________


Een stoïcijn fladdert niet
Als creatieve geest heb je een groot probleem als je wat meer stoïcijns wil worden. Je fladdert teveel. Je ziet teveel, je hoort teveel en ja je ruikt en proeft zelfs teveel. Je staat open voor allerlei indrukken simpelweg omdat die je op ideeën brengen. Omdat je als je een probleem ziet onmiddellijk een oplossing wil bedenken. De oren zijn gespitst, de ogen waakzaam, de ‘antenne’ staat altijd uitgevouwen, altijd open voor nieuwe impulsen.
Tsja, het is dan wel vragen om problemen als je aangetrokken wordt tot de stoïcijnse levenskunst. Een stoïcijn neemt rustig waar en zal rustig bepalen of een bepaalde denkroute iets kan brengen. Of dit een weg is die nader onderzocht moet worden of dat je deze afslag beter links kunt laten liggen. Een stoïcijn, zoals ik het begrijp tenminste, fladdert niet maar focust. Hij maakt zorgvuldig zijn keuze als het gaat om het investeren van zijn aandacht en denkvermogen.
Gaat het om iets wat binnen mijn macht ligt? Iets waar ik daadwerkelijk invloed op uit kan oefenen of gaat het om iets wat buiten mijn macht ligt. Zaken waar je niet veel over te zeggen hebt. Zoals het onvoorspelbare weer en het even onvoorspelbare gedrag van anderen. Nee beter is het om het eigen denken en handelen te onderzoeken en daar verbetering na te streven. Het staat vast dat we op gegeven moment zullen overlijden, daar is niks tegen te doen, een stoïcijn aanvaardt dat. Maar wat wel in je macht ligt is om gezond te eten en te bewegen, je te ontspannen. In die kunst kun je je bekwamen door te mediteren, te wandelen, en de juiste voeding te kiezen. Een behoorlijke uitdaging voor een stoïcijn van niks.




Oktober 2019

____________________________________


Een stoïcijn heeft geen haast
Ik stel me zo voor dat een echte stoïcijn zich niet haast. Het is iemand die kalm zijn weg gaat. Iemand die zich niet gek laat maken door de competitieve werkvloer of door targets en deadlines. Stress en stoïcijn zijn, dat past niet bij elkaar.
Maar er ligt altijd een onverwacht gevaar op de loer. Iets wat je zomaar kan overvallen: je eigen gedachten die met je op de loop gaan. Haast speelt zich naar mijn idee voornamelijk af in je hoofd.
Ik als creatieve geest wordt vaak gedreven door de ideetjes die me invallen. Ze duwen mij als het ware voort. Het lijkt wel alsof de kalme wandeling waar je aan begon in no time verandert in een soort marathon. Een tempo dat bepaalt wordt door de drukte in je hoofd. Je gaat dan in de versnelling van je vluchtige denken lopen. Dat kan toch niet de bedoeling zijn van een ontspannen wandeling langs de rivier? Zo kom je niet tot rust.
Maar ik denk een geniale oplossing te hebben gevonden: alleen je rechtervoet telt. ? Ja zeker. Als ik wandelend naar een rustig tempo wil, tel ik alleen de keren dat mijn rechtervoet de grond raakt. De linker sla ik over. Op die manier tellen twee stappen voor een enkele stap. En, geloof het of niet, dat werkt. Daar loop je rustiger van. Probeer het maar.



September 2019

____________________________________


Wat moet je er van denken

Nederland staat op zijn kop de laatstee tijd. Oorzaak: de burka. Niet zozeer de burka of de nikab zelf, eerder het verbod om deze kledingstukken te dragen in overheidsgebouwen, scholen, openbaar vervoer, ziekenhuizen en artsenpraktijken. Nederlanders vallen massaal over elkaar heen. De ene partij vindt een verbod een beperking van de persoonlijke vrijheid, de andere partij vindt de kledingstukken juist een beperking van de vrijheid. Wat me stoort in de discussie is de ingemetselde standpunten. Luisteren naar mening en motieven van de ander is er niet bij. Iedereen zit in het schuttersputje van het eigen gelijk. Ik maakte mee dat twee intelligente mannen hun handen in de lucht gooide toen ik er over wilde beginnen: “non issue”. Ze wilden er geen woord aan vuil maken. Kijk daar word ik dan verdrietig van.

Ik heb allerlei gedachten over het onderwerp en die wil ik kunnen uiten, kunnen bespreken. Ik ben te weinig stoïcijn om het heikele onderwerp compleet te negeren.

Het eerste wat me te binnen schoot toen het tumult losbrak was: hoe zou ik reageren als een van mijn dochters gehuld in nikab het huis binnenkwam met het bericht dat dit voortaan haar manier zou zijn om zich solidair te verklaren met haar burka dragende zusters. Ik weet het niet zeker, maar blij? Ik denk dat dat teveel gevraagd zou zijn. Verder denkend kom ik op de vraag: moet het nu gaan over de nikab of over het verbod daar op. Als we het over het verbod gaan hebben ontstaan er automatisch twee kampen: voor en tegen. Dat leidt tot een onwrikbare situatie. Dat lost niets op. Ik zou het liever hebben over boerka en nikab zelf en daarover praten en denken. Een gesprek waarin alles mag worden gezegd en waarbij er geluisterd wordt naar elkaars argumenten.

Ik zou dan het volgende op tafel leggen. Beide kledingstukken zijn uitingen van het salafisme en worden, bijvoorbeeld in Marokko, gezien als gereedschap van de radicale islam. Marianne Zwagerman schreef dat in een heldere column in Trouw. In Marokko geldt dus een veel strenger verbod dan hier. Dat zegt mij wel wat. Als deze kledingstukken een uiting zijn van radicalisme, dan spreekt me dat niet aan. Dat staat me tegen. In de media worden beelden getoond van demonstraties van tegenstanders van het verbod, vrouwen die zich in hun vrijheid beperkt voelen. Maar ja. Je komt natuurlijk geen vrouw in nikab tegen die voor de camera zegt dat ze dat ding van haar familie moet dragen. Al met al vind ik burka en nikab onprettige kledingstukken om te zien in de openbare ruimte. Waar de regenboogvlag symbool staat voor vrijheid is dat in mijn ogen met nikab en burka precies andersom. Maar een compleet verbod, overal dus, dat gaat me te ver.

Ik sluit me graag aan bij columnist Özcan Akyol. Hij schreef er het volgende over in het AD. Ik citeer: “Ik vind dat een seculier land alle geloofsuitingen in openbare gebouwen zou moeten weren, maar wat mensen op andere plekken doen, mogen ze zelf weten”




Augustus 2019

____________________________________


Gymnastiek voor intelligentsia

In een boek van Julian Barnes, ‘Het tumult van de tijd’ over het leven van de componist Sjostakovitsj las ik een mooi voorbeeld van onthaasting, zeg maar mindfulness van zeventig jaar geleden.
Een vriend raadde de nogal neurotische componist gymnastiek voor intelligentsia aan. Het werkt als volgt: gooi een doosje lucifers leeg op de grond en buk je om de lucifers een voor een terug in het doosje te doen. Blijf zo staan tot je alle lucifers een voor een in terug in het doosje hebt. Ik vind dit een creatieve vondst. Je traint je rugspieren en tegelijkertijd werkt dit alleen als je het rustig doet, zonder haast. Ik overweeg om met deze oefening de dag te beginnen.




Juli 2019

____________________________________


Moed
Een van de vier Kardinale deugden is Moed. Wat is dat precies – moed - en wanneer en waarvoor heb je het nodig? Een vriend zei ooit tegen mij: ‘Het vergt moed om de waarheid te spreken, maar het vergt soms ook moed om te liegen.’ Een doordenkertje. Het begrip moed wordt vaak gebruikt als het om handelend optreden gaat. Als iemand ingrijpt wanneer er een wandaad wordt gepleegd of wanneer iemand in de gracht springt als er een kind dreigt te verdrinken. Moed is er echter in allerlei vormen. Een klokkenluider is moedig als hij malversaties bij bedrijf waar hij/zij werkt aan de kaak stelt, ook als hij/zij weet hierdoor in de problemen te komen. Veel klokkenluiders hadden geen leven meer nadat ze zaken in de openbaarheid brachten.


De moed om in verweer te komen
Voor grote moed kun je alleen maar diep buigen. Zoals voor Malala Yousafzai bijvoorbeeld, de activiste die strijdt voor gelijke kansen in het onderwijs voor meisjes. Vanwege haar activisme werd zij door het hoofd geschoten - een jong meisje toen, dat simpelweg naar school wilde. Maar ook voor iemand als Martin Luther King, die streed voor de rechten van de zwarte bevolking. Op kleinere schaal is er de club Moedige Mensen die strijdt tegen armoede in ons eigen land. En zo kunnen we nog wel even doorgaan, van de Green Peace activisten tot de dierenactivisten. Mensen die strijden tegen vormen van onrecht.


Dagelijkse Moed
Naast grote moed is er ook de moed voor dagelijks gebruik. Hoe ziet die eruit? Dat kan soms heel klein zijn. Neem bijvoorbeeld de moed om die volgende sigaret niet op te steken. Of de moed om je excuus aan te bieden voor een onaardige opmerking. Of het op te nemen voor een collega die gepest wordt op het werk. De moed om je eigen ongelijk toe te geven. De moed ook om je te laten horen als er onrecht plaatsvindt. De moed om zacht te zijn. Moed is, denk ik, vooral een houding - een houding die je kunt perfectioneren en uitbreiden. Dat vraagt om zelfreflectie en die leidt tot inzicht.


Welke positie neem jij in op de Moed meter?
In een college over de deugdenleer gaf professor Paul van Tongeren eens een uitleg over de juiste positie kiezen als het om Moed gaat. Hij trok een horizontale lijn en zette aan de linkerkant van die lijn het woord Laf en aan de rechterkant het woord Roekeloos.


Laf ………………… X ……………….. Roekeloos


Nu vroeg hij ons waar op deze lijn wij zouden gaan staan. Dichtbij Laf wilde niemand terecht komen, dichtbij Roekeloos ook niet. De meesten plaatsten zich iets voorbij het midden, in de richting van Roekeloos. Maar ook weer niet te ver van het midden. Laf zijn wordt dus als kwalijk gezien – en Roekeloos kennelijk ook. Ik vond dat frappant. Het leek mij behoorlijk calculerend: toon moed indien nodig maar loop daarbij geen schade op.


Als stoïcijn van niks plaatste ik mijn kruisje gevaarlijk dicht bij Roekeloos. Niet omdat ik van nature zo moedig ben, maar omdat ik haast zeker weet dat ik in zo’n situatie instinctief zal handelen. Ik ben dan ook een stoïcijn van niks.



Juni 2019

____________________________________


De onthaastingsindustrie
Cursussen mindfulness, een weekendje onthaasten bij de boer, de kunst van het `kaizen, workshop onthaast spreken, workshop interne stabiliteit, dagje varkens knuffelen, bomen huggen en niet te vergeten de ademhalingstrainingen. En weet je wat er zo grappig is: vaak staat er bij de aankondiging van dit soort activiteiten de vermelding: meld je snel aan. Nog maar een paar plaatsen.
Ik laat me niet gek maken. Ik pak een goed boek en ga in mijn favoriete stoel bij de haard zitten. Ik lees ‘Hoe word ik een stoïcijn’ van Massimo Piglucci, daar word ik heel rustig van.



Mei 2019

____________________________________


De helft is ook genoeg
De Kardinale deugden zijn: Wijsheid, Rechtvaardigheid, Moed en Matigheid. Het zijn tevens de Stoïcijnse deugden. Aan alle vier deze deugden wil ik in mijn komende blogs aandacht besteden. Te beginnen met Matigheid. Die Deugd lijkt van de vier redelijk te doen. Maar als ik even doordenk zie ik heel wat beren op de weg naar mijn streven meer Stoïcijn te zijn. Maar goed, laat ik de strijd moedig aanpakken (sla ik twee deugden in een klap).

Bij Matigheid ligt het voor de hand om aan eten en drinken te denken. Dat is op zich al moeilijk genoeg. De verleidingen liggen overal op de loer. Op zonovergoten terrasjes, in donkerbruine kroegen, bij leuke eetstalletjes en in fijne restaurants. Kortom je wordt van alle kanten belaagd. Door de geur van verse stroopwafels op de markt, door de vriend die je nog een wijntje aanbiedt (kom op man nog eentje), door het aanbod van taart terwijl je het bij een espresso wil houden. Het is een strijd, een keiharde strijd, om daar de matigheid te vinden. Ik denk dat ik (ik ben tenslotte een creatieve geest) een simpele oplossing heb gevonden als het op eten en drinken aankomt. Daarover verderop meer. Maar er zijn ook nog zaken als te vaak nieuwe kleding kopen. Matig zijn met energiegebruik. Auto vaker laten staan en gaan fietsen. Liever nog te voet, dat past een Stoïcijn beter.

Matigheid is een belangrijke deugd en raakt vaak aan andere deugden als bescheidenheid bijvoorbeeld. Want denkend over Matigheid kwam ik op andere zaken als eten en drinken en overige consumptie. Ik heb de neiging om in dialogen te veel aan het woord te zijn. Daar wil ik matiger in worden. Een vraag levert over het algemeen meer op dan een mening, nietwaar. Dus moet ik mij voortaan iets bescheidener opstellen. Dat wordt wel een hell of a job, want ik heb natuurlijk wel vaak gelijk. 

Nu mijn simpele oplossing:
van alles de helft!


Ik ben een mens van oplossingen, een creatief, een conceptontwikkelaar. Vandaar dat ik het format ‘de helft is ook genoeg’ in de wereld wil zetten. Als ik matiger wil zijn zal ik simpelweg genoegen moeten nemen met de helft. Laat ik dat tweede glas wijn staan, eet ik de helft minder, loop ik liever dan ik fiets, want dat gaat op halve snelheid. Ga ik een keer per maand uit eten in plaats van twee keer of vaker. Als ik dit gedrag breed in mijn leven kan verweven ben ik aardig op weg. Of het lukt is nog even de vraag want ik blijf natuurlijk een Stoïcijn van niks.

Het belang van Matigheid vind je niet alleen bij de Stoïcijnen, ook Paus Johannes Paulus de II sprak zich er over uit. Ik ben geen gelovig mens maar vind zijn visie op matigheid mooi.

De matige mens is iemand die zichzelf meester is. Iemand in wie de hartstochten niet de overhand hebben over het verstand, de wil en ook over het ‘hart’. De mens die zichzelf weet te beheersen! Indien dat zo is, zien we gemakkelijk in welk een fundamentele en wezenlijke waarde de deugd van matigheid heeft. Zij is zonder meer onontbeerlijk voor de mens om geheel en al mens te ‘zijn’. Men behoeft maar te kijken naar iemand die meegesleept door zijn hartstochten er het ‘slachtoffer’ van wordt, en zelfs van het gebruik van zijn verstand afziet (zoals bijvoorbeeld een alcohol- en een drugsverslaafde), en we stellen met duidelijkheid vast dat ‘mens-zijn’ het eerbiedigen van zijn eigen waardigheid betekent, en zich daarom onder andere laat leiden door de deugd van matigheid.



April 2019

____________________________________


Het kan vriezen en het kan dooien

De eerste regel die een aankomend stoïcijn ter harte moet nemen vind je op de eerste pagina van het zakboekje van Epictetus: Weet wat wel en wat niet binnen je macht ligt. Met andere woorden: over zaken waarop je geen invloed kunt hebben, heeft het geen zin je op te winden. Een mooi voorbeeld is het weer. Het kan vriezen of het kan dooien, het kan tropisch heet zijn, het water kan met bakken uit de hemel vallen. Maak je er niet druk om. Wat kun je er aan doen? Niks. Geniet ervan, zou ik eerder zeggen.

Nog zo’n item is ons sterven, iets waar veel mensen een enorme angst voor hebben. Sinds ik vier jaar geleden een hartstilstand mocht meemaken ben ik van die angst compleet af. We sterven hoe dan ook. Waarom zou je dan een leven in angst leiden?

Onlangs was ik bij de herdenkingsdienst voor Bas Mariën. Een lieve man, een wijs man, maar geen watje. Een man met wie ik vier jaar op Qi gong zat. Allebei met wat deuken in het lijf waggelden we door de oefeningen. Humor hield ons op de been. Ik genoot en naar mijn idee Bas ook. Zijn afscheid was een zeer bijzondere gebeurtenis. Geen crematorium, maar een creatieve hotspot was de plek. Het werd een theater van welgemeende emotie, verhalen uit het hart, gedichten en soms applaus (wat heerlijk - applaus bij een uitvaart!). Dat zou wat mij betreft vaker mogen gebeurden. Daarna waren er drank en hapjes en voerden mensen nagalmgesprekken. Nagalm is als naar buiten komt wat aan gevoelens is opgeslagen. Dat je opgekomen gevoelens met elkaar kunt en wilt delen. Waarom nog bang zijn voor de dood als je als mens zo’n indruk achter kunt laten?




Maart 2019

____________________________________


Een Stoïcijn fladdert niet

Als creatieve geest heb je een groot probleem als je wat meer stoïcijns wil worden. Je fladdert teveel. Je ziet teveel, je hoort teveel en ja, je ruikt en proeft zelfs teveel. Je staat open voor allerlei indrukken simpelweg omdat die je op ideeën brengen. Omdat je als je een probleem ziet onmiddellijk een oplossing wil bedenken. De oren zijn gespitst, de ogen waakzaam, de antenne staat altijd uitgevouwen, altijd open voor nieuwe impulsen.

Tsja, het is dan wel vragen om problemen als je aangetrokken wordt tot de stoïcijnse levenskunst. Een stoïcijn neemt waar en zal rustig bepalen of een bepaalde denkroute iets kan brengen. Of dit een weg is die nader onderzocht moet worden of dat je deze afslag beter links kunt laten liggen. Een stoïcijn, zoals ik het begrijp tenminste, fladdert niet maar focust. Hij maakt zorgvuldig zijn keuze als het gaat om het investeren van zijn aandacht en denkvermogen.

Gaat het om iets wat binnen mijn macht ligt? Iets waar ik daadwerkelijk invloed op uit kan oefenen of gaat het om zaken waar je niet veel over te zeggen hebt. Zoals het onvoorspelbare weer en het even onvoorspelbare gedrag van anderen. Nee, beter is het om het eigen denken en handelen te onderzoeken en daar verbetering na te streven. Het staat vast dat we op gegeven moment zullen overlijden, daar is niks tegen te doen, een stoïcijn aanvaardt dat. Maar wat wel in je macht ligt is om gezond te eten en te bewegen, je te ontspannen. In die kunst kun je je bekwamen door te mediteren, te wandelen en de juiste voeding te kiezen. Een behoorlijke uitdaging voor een stoïcijn van niks.



Februari 2019

____________________________________


Kan een creatieve geest stoïcijn zijn?

Wandelend door ons stadje kwam ik de mevrouw van de boekwinkel tegen. We hadden een kort praatje over de voordelen van het te voet gaan. Je komt nog eens een bekende tegen en dan is er tijd voor een kort praatje. Je staat ook makkelijker stil bij iets waar je oog toevallig op valt. Toen ik verder liep, zag ik dat er een reiger op de ruïne van de stadspoort stond. Een mooi plaatje. Ja, te voet gaan heeft zo zijn voordelen.

Op de terugweg naar huis kwam er een vlucht jonge fietsers langs. Haast zonder uitzondering hielden zij een oog gericht op hun smartphone. Ik heb bewondering voor hun flexibiliteit en de balans in hun jonge lijven. Echte multitaskers zijn het. Doen met gemak twee dingen tegelijk. Twee dingen die toch eigenlijk alle aandacht vragen: fietsen en communiceren. Maar de combinatie van denken en doen lijkt me toch iets lastiger. Op die combinatie loop ik stuk.


De vraag die bij me opkwam was: kan een stoïcijn een multitasker zijn? Ik denk eigenlijk van niet. Immers: een echte stoïcijn doet alles in rust en met de nodige aandacht. Hij laat zich niet gek maken door de piepjes uit een smartphone en als hij fietst doet hij dat geconcentreerd met oog voor dreigende gevaren.

Voor mij is de stoïcijnse houding nog een hele opgaaf. Op de fiets lukt het prima - maar dat moet ook wel als ik niet wil verongelukken.


Ik ben een creatief en het vluchtige in een creatieve geest zit in het openstaan voor impulsen. Dat schiet alle kanten op. Maar zodra er een spark uit die impulsen opduikt, moet de creatieve geest meer stoïcijn worden. Dan sluit hij zich af om zich volop te concentreren op de realisatie van een idee. Dan moet er met focus worden gedacht. Alleen beter niet tijdens het fietsen. Eerst denken dan doen.