BZO51tentoonstellingen

© BewustZijnsWerk 2018

BewustZijn Online

Neo Rauch, Die Kontrolle, 2010 | Auguste Renoir, Meisje met roos, 1907

____________________________________

Vedic Art en de kunst van het Zijn

 

Nieuw zijn twee tentoonstellingen die Dik Goudsblom onlangs bezocht: ‘Dromos’ met werken van de schilder Neo Rauch in museum De Fundatie in Zwolle (loopt t/m 3 juni 2018) en de expositie ‘Impressionism & Beyond - A Wonderful Journey’ in het sfeervolle Singer Museum te Laren (nog tot 6 mei 2018). Een beschouwing.

 

‘Dromos’ Neo Rauch

Net als voor mij is muziek een belangrijke inspiratiebron voor Neo Rauch, van wie in De Fundatie zo’n 60 schilderijen te zien zijn; grote doeken, vanaf begin jaren ’90 uit ieder jaar minstens één. In zijn atelier, een oude textielfabriek bij Leipzig, klinkt Pink Floyd en Bach. Leipzig is ook de stad waar vandaan Max Beckmann komt, die zeker als een ‘voorvader’ van Rauch gezien mag worden. Bovendien gaf ze haar naam aan de ‘Leipziger Schule’ - een groep schilders die opgroeiden vóór het vallen van de muur, vertrouwd met de ideologisch gekleurde figuratieve kunst van de DDR (even kort door de bocht: denk aan heldhaftige arbeiders die met opgestroopte mouwen met rode vlaggen zwaaien) om na het wegvallen van geografische en politieke grenzen plots een zee van mogelijkheden en vrijheden te ervaren.

 

Het leidde bij Rauch tot het ontwikkelen van een schilderachtige wereld van dromen, waarbij je Beckmann en andere voorgangers heel goed terugziet, en het effect van vervreemding hevig versterkt wordt juist door het toevoegen van vertrouwde elementen. Dat lijkt ingewikkeld, maar enkele blikken op reproducties (kijk op de website van het museum, ook voor verhelderende interviews met de schilder en achtergrondinformatie) maken alles in één keer duidelijk. Je ziet dorpse taferelen, de sfeer van de gebroeders Grimm en 18e, 19e eeuwse figuren gelijk Goethe en Schiller (in bijpassende kledij gehuld) en middenin deze Duitse oubolligheid, of, zo je wilt romantiek, duiken verontrustende reuzenwormen, drilboren, uitgerekte ledematen of juist bizarre verkleiningen en vooral veel volkomen onbegrijpelijke gebeurtenissen op. Het is een grappig toeval dat het gebouw waarin dit alles getoond wordt bestaat uit een monumentaal 19e eeuws provinciehuis met enorme zuilen ervoor waarop in deze eeuw een reusachtig ei geplaatst is dat twee verdiepingen aan het museum toevoegt. Niemand zal je vertellen waar dit ei vandaan komt, wat het betekent en wat de relatief kleine gouden vogel (die het onmogelijk gelegd kan hebben) ernaast ermee te maken heeft. En dat is het leuke en spannende: het gebouw is in al z’n absurdheid wat het is, zonder zichzelf te verklaren. En zichzelf verklaren, dat doen die vreemde doeken van Rauch ook niet. Een kiertje van de deur der openbaringen gaat open als de schilder in een interview (op genoemde website te vinden) vertelt dat zijn beide nog jonge ouders omkwamen bij een treinongeluk toen hij nog maar vier weken oud was en dat hij ergens een portret van zijn vader, die een kindje op schoot heeft met een volwassen gezicht (wie is vader, wie zoon?), als een piëta, tussen de raadselwerken heeft hangen (Vater 2007).

 

Het boeiende is dat als je dit werk toelaat, (en dat gaat alleen als je de drang naar verklaren loslaat) je daarna ook anders naar andere kunst gaat kijken. Zo zag ik het schilderij De Emmausgangers van Jan Steen, waarbij ik voorheen dacht: ja kijk, daar heb je de verbaasde apostelen, daar verdwijnt de verschijning van Christus in de hoek… en nu zag ik het met nieuwe ogen en dacht… helemaal niets. Ik zag figuren in een ruimte en interactie daartussen en voelde verbazing. Pas na enige tijd kwam de herkenning en viel alles op z’n plek. Bij Rauch valt er niets op z’n plek. Als je dat wilt meemaken, ga dan kijken in Zwolle. Het is wel véél natuurlijk, zestig grote doeken!, en dat terwijl één schilderij al veel van je vraagt, dus nog een paar keer terugkeren mag ook.

 

‘Impressionism & Beyond - A Wonderful Journey’

Voor wie zich op wat meer vertrouwde paden wil begeven qua schilderkunst is er een rijke tentoonstelling van werken uit de particuliere collectie Van Vlissingen Art Foundation (het kunnen aanboren van dit soort verzamelingen is een belangrijke kwaliteit van het Singer museum). Een feest van herkenning voor wie houdt van Monet, Picasso, Redon, Pisarro, Van Gogh en ga maar door - kortom de schilders die actief waren vlak vóór het begin van de 20e eeuw tijdens de geboorteweeën van de moderne kunst. Vederlichte bootjes op zee van Monet, de warm-stromende huid in de portretten van Renoir, een bloemstilleven van Redon als een droom, een teer waterverfwerk van Picasso uit z’n roze periode. Het kan niet op. Het is kunst die als je hem in boeken tegenkomt wellicht wat overbekend en saai kan overkomen, maar als je er dan oog in oog mee staat straalt het toch een eeuwigdurende frisheid en nieuwe kracht uit. Het kan haast niet anders dan dat je een handvol werken ziet die nieuw voor je zijn, al zijn ze van heel vertrouwde kunstenaars. Van Van Gogh overigens geen schilderij maar een pas ontdekte tekening van de heuvel bij Monmartre, Parijs, met een prima documentatie erbij. Tegelijk met deze expo loopt bij het Singer ook een presentatie rond Lodewijk Schelfhout, Nederlands eerste kubist, met aanvullend werk van onder meer Leo Gestel. Mooi!

____________________________________

Naar het artikelenoverzicht